Voorwoord Algemene directie

De missie van het Havenbedrijf Rotterdam is “het creëren van economische en maatschappelijke waarde door samen met klanten en stakeholders duurzame groei te realiseren in de haven van wereldklasse”. De benadering om naast economische ook maatschappelijke aspecten mee te wegen en daarover een constante dialoog te voeren met onze stakeholders, is vanzelfsprekend voor ons als beheerder en ontwikkelaar van Europa's grootste haven- en industriecomplex. Samen met onze belangrijkste stakeholders brengen we jaarlijks in de Staat van de Haven de prestaties van de gehele haven op uiteenlopende terreinen in beeld: van toegevoegde waarde tot werkgelegenheid en luchtkwaliteit. De geïntegreerde besturing is al sinds jaar en dag ingebed in onze bedrijfsvoering. Het jaarverslag wordt daarom al sinds 2010 vergezeld van een geïntegreerde accountantsverklaring, destijds een primeur.

In 2016 hebben we met het oog op de maatschappelijke benadering van projecten en investeringen een nieuw Corporate Social Responsibility (CSR) statement vastgesteld dat de verklaring over Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen uit 2006 vervangt. Het CSR-statement geeft aan hoe wij een positieve maatschappelijke impact beogen en hoe wij onze maatschappelijke verantwoordelijkheid invullen. De vanzelfsprekendheid om ontwikkelingen en projecten zowel op maatschappelijke als op economische aspecten te benaderen neemt alleen maar toe met de twee grote uitdagingen waar we voor staan: digitalisering en de energietransitie.

Digitalisering en automatisering bieden grote kansen om met name logistieke processen efficiënter te maken. Dat verlaagt zowel de kosten als de milieubelasting, en is goed voor de concurrentiepositie. Wij zijn in 2016 gestart met het opzetten van verschillende pilots in nauwe samenwerking met het bedrijfsleven om data transparanter te maken en op basis daarvan de efficiency van het transport van met name containers tussen de haven en het achterland te vergroten. In de haven zelf werken we aan het realtime beschikbaar maken van planningsinformatie voor de afhandeling van schepen om de dienstverlening aan zeeschepen efficiënter te organiseren.

Met de ratificatie van het klimaatakkoord van Parijs heeft de energietransitie een krachtige impuls gekregen. We staan als samenleving in het algemeen en als haven- en industriecomplex in het bijzonder voor de complexe opgave om de CO2-uitstoot in ruim 30 jaar vrijwel volledig tot ‘nul’ terug te brengen. Het Havenbedrijf vindt dat het tempo van deze transitie in Nederland omhoog moet en heeft de ambitie het havengebied tot koploper te maken voor het ontwikkelen en grootschalig toepassen van allerlei (nieuwe) technieken om enerzijds het gebruik van fossiele energie minder milieubelastend te maken en anderzijds hernieuwbare energie en circulaire processen tot wasdom te brengen.

Het afgelopen jaar is daarom hard gewerkt aan verschillende projecten op beide terreinen. Zo is bijvoorbeeld met Shell afgesproken restwarmte te leveren aan de stadsverwarming en wordt de levering van industriewarmte uit het westelijk deel van de haven aan het Westland en Den Haag onderzocht. Voor Europa’s enige project om grootschalig CO2 af te vangen en op te slaan staan nog steeds niet alle seinen op groen. De belangrijkste horde is de aanhoudende politieke onduidelijkheid over het uitfaseren van kolencentrales. Voor LNG, een veel schonere brandstof dan diesel en stookolie, is bij Gate een kade aangelegd om bunkerschepen te kunnen bevoorraden. Op het gebied van hernieuwbare energie springt vooral de realisatie van de fabriek van Sif Group voor monopiles (masten) voor windturbines in het oog. Ontwikkeling van windparken op zee biedt kansen voor de offshoresector die zwaar te lijden heeft onder het uitblijven van investeringen in oliewinning door de aanhoudend lage olieprijs. Een andere relevante ontwikkeling is de mogelijke realisatie van een waste-2-chemicals fabriek in de Botlek. Deze moet plastic afval afbreken tot bouwstenen voor de chemie.

Dergelijke investeringen kunnen we doen omdat 2016, net als voorgaande jaren, financieel gezien een stabiel en gezond jaar was. De omzet is met 675,4 miljoen euro ongeveer gelijk gebleven (-/- 0,2%), net als de EBITDA van 447,6 miljoen euro (+ 2,1%). Hiermee is ons vermogen om die investeringen te doen in de haven die duurzame economische en maatschappelijke waardecreatie mogelijk maken gegroeid. In het voorjaar is een deel van het rentederivaat afgekocht. Enkele kleine incidentele balanswijzigingen leidden uiteindelijk tot een hogere winst. Deze bedraagt over 2016 222,2 miljoen euro (+ 5,0%). Doordat Nederlandse havens vanaf 2017 vennootschapsbelasting moeten afdragen zal de nettowinst significant dalen. Vennootschapsbelasting enerzijds en investeringen in infrastructuur en ontwikkelingen als digitalisering en energietransitie anderzijds, maken dat we de komende jaren meer nog dan in het verleden goed moeten sturen op onze uitgaven. Onze investeringen in met name infrastructuur dragen in belangrijke mate bij aan een aantrekkelijk investeringsklimaat voor onze klanten en moeten daarom op peil blijven.

Dat de haven een goed investeringsklimaat heeft blijkt uit de op dit moment lopende investeringen van ongeveer twee miljard euro in de drie olieraffinaderijen van ExxonMobil, Shell en Gunvor. Tegelijkertijd zorgt de aanhoudende politieke discussie over het sluiten van net in gebruik genomen kolencentrales voor onzekerheid over de betrouwbaarheid en de koers van het overheidsbeleid. Dit raakt ook de droge bulk sector. De droge bulk overslag, met name kolen en ertsen, liet een daling zien ten opzichte van 2015. De overslag van containers steeg 1,2% tot 12,4 miljoen TEU (twenty feet equivalent unit, de eenheidsmaat voor containers) en 0,6% in gewicht tot 127,1 miljoen ton. In het tweede halfjaar heeft de containeroverslag zich sterk verbeterd: er werd 4,9% meer overgeslagen dan in dezelfde periode het jaar ervoor. De investeringen in de afgelopen jaren in containerterminals op de Maasvlakte lijken hun vruchten te gaan afwerpen. De nieuwe vaarschema’s van de containerrederijen die in de loop van dit jaar ingaan laten zien dat Rotterdam met name op de routes naar het Verre Oosten, goed voor de helft van het totale containervolume, een sterke positie heeft ten opzichte van de omliggende havens.

De hiervoor geschetste ontwikkelingen in de bestaande, omvangrijke sectoren als containers, tankopslag en raffinage, de nieuwe ontwikkelingen op het gebied van digitalisering en energietransitie, de invoering van vennootschapsbelasting in combinatie met onze financiële positie en resultaten alsook die op maatschappelijk gebied maken dat we de toekomst met vertrouwen tegemoet treden.

Wij bedanken onze medewerkers voor hun toewijding, grote betrokkenheid en flexibiliteit in 2016. Wij rekenen ook in 2017 op hun inzet om gezamenlijk bij te dragen aan een duurzame toekomst voor de Rotterdamse haven. Tot slot bedanken we onze klanten met wie wij ook in 2016 gezamenlijk hebben gewerkt aan duurzame groei.

Havenbedrijf Rotterdam N.V.
Rotterdam, 22 februari 2017

de Algemene directie
Allard Castelein, Ronald Paul en Paul Smits